In 1840 vestigde de Amsterdamse diamantslijper Mozes Elias Coster zich in een fabriekspand op het Waterlooplein; Coster Diamonds was geboren. In die tijd werden de diamanten nog bewerkt met machines die letterlijk door paardenkrachten werden aangedreven. Dankzij de pioniersgeest van Mozes gebruikte Coster Diamonds als eerste Nederlandse slijperij stoom als krachtbron.
Coster was niet alleen zijn tijd vooruit, maar ook een ongelooflijke perfectionist. Alleen het allerbeste was goed genoeg en al snel regende het opdrachten uit binnen- en buitenland. Eén daarvan was een uitnodiging van de Engelse koningin Victoria om de Koh-i-Noor opnieuw te slijpen. Een enorme uitdaging, die Coster als meesterslijper op de kaart zette.
In 1970 moest de oude diamantfabriek op het Waterlooplein plaatsmaken voor de aanleg van de metro. Coster Diamonds verhuisde naar de huidige locatie op de Paulus Potterstraat. In drie statige herenhuizen, prachtig gelegen tussen het Rijksmuseum en het Van Gogh Museum wordt het erfgoed van Mozes Coster in ere bewaard
